De laatste maand van 2009 en de eerste maand van 2010 waren maar wat doods op deze site. Geen wonder: we - Cabernette, die voor kort weer even in België was en Amaronese - worstelden zich door een agenda die meer leek op een schetsboek van Jackson Pollock dan op de netjes lijntje na lijntje ingevulde weekplanner die elke kantoorklerk dag in dag uit voor zijn neus weet liggen. Time to catch up, zeggen we dan. En wees maar zeker dat er wat achterna te hollen valt!
1. Lasciate ogni speranza, voi ch'entrate ... .
2009 zal een jaar zijn om op terug te blikken, een jaar dat we stukje bij beetje zullen moeten lospeuteren uit ons geheugen, bijeenrapen en reconstrueren. Tijd om erbij stil te staan was er op het moment zelf niet. Alles raasde voorbij zoals op een dolgedraaide caroussel die luidruchtig voortwalste met teveel trommels en trompetten. Gelukkig gingen zowat alle once-in-a-lifetime events die het afgelopen jaar de revue passeerden vergezeld van fijn gezelschap, een goede tafel en vooral de nodige glazen wijn. Want dat is wel de grote constante in ons leven: wijn, voor, tijdens en na, altijd opnieuw wijn. Elke herinnering aan een goed glas wijn is voor mij dan ook gelijk aan de madeleine van Proust. Een slok, een fles, een gebottelde herinnering die langzaam vanuit de diepte terug komt bovendrijven en in haar kielzog een reeks andere, minstens even intrigerende, maar bijna compleet weggedeemsterde gevoelens, ervaringen of gewaarwordingen oproept.
Om een kwakkeljaar op de blog en een lange stilte goed te maken had ik het idee een reeks artikelen met de titel 'Rückblick' aan elkaar te rijgen. Vijgen na Pasen natuurlijk, maar anderzijds wel de ideale manier om terug te blikken op het afgelopen jaar. Ik hoop dat jullie meegenieten van elk glas wijn dat we opdiepen uit de schimmelige, duistere en vochtige kelders van de herinnering en het stukje voorbij geluk wat we opnieuw beleven.
2. Het begin en het einde van alles.
Een glas wijn kan soms zo een beetje werken als de aleph van Borges: de steeds terugkerende weerspiegelingen in het kristal, de omgekeerde beelden in de spiegel van het druivennat dat je aanstaart vanuit de glanzende kelk ... ze doen me altijd wat denken aan het intrigerende buitenlaagje van het glanzende punt dat wezenloos hing te tintelen onder de trap van Carlos Argentino Daneri: El Aleph, de idee van tot-alles-verbondenheid, het oneindige middelpunt van het verleden, huidige en toekomstige universum. Dat is naturlijk wat veel om te gaan toedichten aan een simpel glas wijn, maar sommige wijnen lichten toch even, heel even maar, een tipje van de sluier op die over het warrige net van herinneringen, ervaringen en wensen in ons altijd weer falende geheugen gedrapeerd ligt.
Het laatste glas waarbij ik die ervaring weer eens had - alsof er een ijzige hand je middenrif beroert, je nekhaar overeind zet - was bij een glas dat mij blind voorgezet werd door de glunderende sommelier van Couvert Couvert in Heverlee. Ik mocht raden. Aan de overkant van de tafel gingen er twee mondhoeken grijnzen. Chenin Blanc, dat was duidelijk ... zijn Pappenheimers kennen. Zucht van opluchting. Op dat punt was ik toch al geslaagd. Gelukkig, want om één of andere duistere reden ga ik als een Chenin-zot door het leven. Erger was dat het niet zomaar een Chenin was, maar nog wel één die mij een vreemd déjà-vu gevoel gaf. Een korte flits waarin je even denkt alles te zien, alle links, de hele, meteloze context en op datzelfde moment van herkenning alles plots vervaagt als een ademtocht op een ijskoude spiegel. Ik had hem zelf ook in de kelder liggen: Suivre son Chenin van de Lechartier-broeders.
3. Spitsbroeders in de wijn.
Yann en Loïc Lechartier zijn beiden niet veel ouder dan ikzelf, zowat rond de dertig. Een zotte bevlieging kon er dus nog wel even af. De één was in een vorig, maar eerder kort leven informaticus, de ander commerçant pur sang. Beide broers hadden, zeg maar, een drie rijstroken brede autostrade van een waardige job en een rozige carrière voor de bumper. Burgerlijke huisje-, tuintje-, kindje-idealen lagen zo voor het grijpen. Optrekken en doorrazen naar succes zou evident geweest zijn, maar neen, Yann en Loïc namen de eerste afslag richting vigneron en reden spoorslags richting vrai vigneron: een nauw, bochtig en zelden vlot berijdbaar pad dat niet zo vanzelfsprekend naar een land van melk en honing leidt. Beiden behaalden in een mum van tijd het diploma van viticulteur en Yann liep blitz-stages bij Chantal Lescure (Bourgogne) en François Plouzeau (Domaine de la Garrelière, Loire). Wijnmaken zonder gepruts en geprul, dat was vanaf het begin het doel dat beide broers voor ogen hadden. Ze volgden resoluut hun eigen weg: die van de Chenin.
In 2006 startten ze met een ruime 4 ha. wijngaarden op het Plateau d'Husseau in Montlouis-sur-Loire. Mooie wijngaarden die al jarenlang door niemand minder dan Thierry Chaput met het allergrootste respect bewerkt werden. Het ging hem jammer genoeg niet altijd voor de wind. Zijn visie werd op hoongelach onthaald en Thierry's wijnen liet men achteloos links liggen. Onterecht blijkt nu, want Thierry was zijn tijd ver vooruit (ondertussen zou hij weer aan de slag zijn bij Pascal Lambert in Chinon). Voor de Lechartiers was dit een kans uit de duizend: enkele ha. gezonde wijngaard die geleidelijk, maar zonder al teveel problemen natuurlijk konden worden onderhouden. Chaputs wijngaarden lagen dan ook nog eens op één van de mooiste plekken van Montlouis: op het koude krijt- en tufsteenplateau van Husseau. Een bovenlaag van rivierzand en grind zorgen voor een uistekende drainage en de zacht glooiende hellingen dragen bij tot een zacht microklimaat in de wijngaard. Wat wil je nog meer?
Met het nippen aan dat glas dat me blind voorgezet werd, moest ik weer even terugdenken aan de eerste keer dat ik hen ontmoette tijdens een degustatie in Het Land van de Overkant in Leuven, afgelopen jaar. Twee sympathieke, maar uiterst bescheiden en zelfs wat introverte kerels die hun wijnen voor zich lieten spreken. Loïc sprak over Chenin Blanc alsof het over zijn jongste dochter ging en werd er zichtbaar weemoedig bij. Wijnbouwers die niet met kas- en studieboek in de hand wijnmaken, maar wijnbouwers die met hun hoofd en hun hart ploegen, snoeien en plukken in de wijngaard, triëren, laten rijpen en bottelen in de kelder, dat zijn de Lechartiers en dat proef je ook in het glas. Zelfs hun eerste jaargang was een prachtige wijn: subtiel geschakeerd, fris, zalvend zacht en ontzettend lang. De kwintessens van een fijne wijn met natuurlijk koele kweepeer, acaciahoning en een beetje kruidnagel. Filigrane zuren, veel sap, ... een textuur die doet denken aan kabbelend, tintelend bronwater. Flessen die ik meestal niet durf te bekijken, omdat ze anders veel te snel verdwenen zijn.
Misschien moet ik er dan toch maar een uitspraak over doen die een vermeende Chenin-zot waardig zou moeten zijn: voor mij zijn dit de meest elegante en verfijnde Chenins op deze aardkloot. Om sprakeloos van te genieten.
1. Lasciate ogni speranza, voi ch'entrate ... .
2009 zal een jaar zijn om op terug te blikken, een jaar dat we stukje bij beetje zullen moeten lospeuteren uit ons geheugen, bijeenrapen en reconstrueren. Tijd om erbij stil te staan was er op het moment zelf niet. Alles raasde voorbij zoals op een dolgedraaide caroussel die luidruchtig voortwalste met teveel trommels en trompetten. Gelukkig gingen zowat alle once-in-a-lifetime events die het afgelopen jaar de revue passeerden vergezeld van fijn gezelschap, een goede tafel en vooral de nodige glazen wijn. Want dat is wel de grote constante in ons leven: wijn, voor, tijdens en na, altijd opnieuw wijn. Elke herinnering aan een goed glas wijn is voor mij dan ook gelijk aan de madeleine van Proust. Een slok, een fles, een gebottelde herinnering die langzaam vanuit de diepte terug komt bovendrijven en in haar kielzog een reeks andere, minstens even intrigerende, maar bijna compleet weggedeemsterde gevoelens, ervaringen of gewaarwordingen oproept. Om een kwakkeljaar op de blog en een lange stilte goed te maken had ik het idee een reeks artikelen met de titel 'Rückblick' aan elkaar te rijgen. Vijgen na Pasen natuurlijk, maar anderzijds wel de ideale manier om terug te blikken op het afgelopen jaar. Ik hoop dat jullie meegenieten van elk glas wijn dat we opdiepen uit de schimmelige, duistere en vochtige kelders van de herinnering en het stukje voorbij geluk wat we opnieuw beleven.
2. Het begin en het einde van alles.
Een glas wijn kan soms zo een beetje werken als de aleph van Borges: de steeds terugkerende weerspiegelingen in het kristal, de omgekeerde beelden in de spiegel van het druivennat dat je aanstaart vanuit de glanzende kelk ... ze doen me altijd wat denken aan het intrigerende buitenlaagje van het glanzende punt dat wezenloos hing te tintelen onder de trap van Carlos Argentino Daneri: El Aleph, de idee van tot-alles-verbondenheid, het oneindige middelpunt van het verleden, huidige en toekomstige universum. Dat is naturlijk wat veel om te gaan toedichten aan een simpel glas wijn, maar sommige wijnen lichten toch even, heel even maar, een tipje van de sluier op die over het warrige net van herinneringen, ervaringen en wensen in ons altijd weer falende geheugen gedrapeerd ligt.Het laatste glas waarbij ik die ervaring weer eens had - alsof er een ijzige hand je middenrif beroert, je nekhaar overeind zet - was bij een glas dat mij blind voorgezet werd door de glunderende sommelier van Couvert Couvert in Heverlee. Ik mocht raden. Aan de overkant van de tafel gingen er twee mondhoeken grijnzen. Chenin Blanc, dat was duidelijk ... zijn Pappenheimers kennen. Zucht van opluchting. Op dat punt was ik toch al geslaagd. Gelukkig, want om één of andere duistere reden ga ik als een Chenin-zot door het leven. Erger was dat het niet zomaar een Chenin was, maar nog wel één die mij een vreemd déjà-vu gevoel gaf. Een korte flits waarin je even denkt alles te zien, alle links, de hele, meteloze context en op datzelfde moment van herkenning alles plots vervaagt als een ademtocht op een ijskoude spiegel. Ik had hem zelf ook in de kelder liggen: Suivre son Chenin van de Lechartier-broeders.
3. Spitsbroeders in de wijn.
Yann en Loïc Lechartier zijn beiden niet veel ouder dan ikzelf, zowat rond de dertig. Een zotte bevlieging kon er dus nog wel even af. De één was in een vorig, maar eerder kort leven informaticus, de ander commerçant pur sang. Beide broers hadden, zeg maar, een drie rijstroken brede autostrade van een waardige job en een rozige carrière voor de bumper. Burgerlijke huisje-, tuintje-, kindje-idealen lagen zo voor het grijpen. Optrekken en doorrazen naar succes zou evident geweest zijn, maar neen, Yann en Loïc namen de eerste afslag richting vigneron en reden spoorslags richting vrai vigneron: een nauw, bochtig en zelden vlot berijdbaar pad dat niet zo vanzelfsprekend naar een land van melk en honing leidt. Beiden behaalden in een mum van tijd het diploma van viticulteur en Yann liep blitz-stages bij Chantal Lescure (Bourgogne) en François Plouzeau (Domaine de la Garrelière, Loire). Wijnmaken zonder gepruts en geprul, dat was vanaf het begin het doel dat beide broers voor ogen hadden. Ze volgden resoluut hun eigen weg: die van de Chenin.In 2006 startten ze met een ruime 4 ha. wijngaarden op het Plateau d'Husseau in Montlouis-sur-Loire. Mooie wijngaarden die al jarenlang door niemand minder dan Thierry Chaput met het allergrootste respect bewerkt werden. Het ging hem jammer genoeg niet altijd voor de wind. Zijn visie werd op hoongelach onthaald en Thierry's wijnen liet men achteloos links liggen. Onterecht blijkt nu, want Thierry was zijn tijd ver vooruit (ondertussen zou hij weer aan de slag zijn bij Pascal Lambert in Chinon). Voor de Lechartiers was dit een kans uit de duizend: enkele ha. gezonde wijngaard die geleidelijk, maar zonder al teveel problemen natuurlijk konden worden onderhouden. Chaputs wijngaarden lagen dan ook nog eens op één van de mooiste plekken van Montlouis: op het koude krijt- en tufsteenplateau van Husseau. Een bovenlaag van rivierzand en grind zorgen voor een uistekende drainage en de zacht glooiende hellingen dragen bij tot een zacht microklimaat in de wijngaard. Wat wil je nog meer?
Met het nippen aan dat glas dat me blind voorgezet werd, moest ik weer even terugdenken aan de eerste keer dat ik hen ontmoette tijdens een degustatie in Het Land van de Overkant in Leuven, afgelopen jaar. Twee sympathieke, maar uiterst bescheiden en zelfs wat introverte kerels die hun wijnen voor zich lieten spreken. Loïc sprak over Chenin Blanc alsof het over zijn jongste dochter ging en werd er zichtbaar weemoedig bij. Wijnbouwers die niet met kas- en studieboek in de hand wijnmaken, maar wijnbouwers die met hun hoofd en hun hart ploegen, snoeien en plukken in de wijngaard, triëren, laten rijpen en bottelen in de kelder, dat zijn de Lechartiers en dat proef je ook in het glas. Zelfs hun eerste jaargang was een prachtige wijn: subtiel geschakeerd, fris, zalvend zacht en ontzettend lang. De kwintessens van een fijne wijn met natuurlijk koele kweepeer, acaciahoning en een beetje kruidnagel. Filigrane zuren, veel sap, ... een textuur die doet denken aan kabbelend, tintelend bronwater. Flessen die ik meestal niet durf te bekijken, omdat ze anders veel te snel verdwenen zijn.
Misschien moet ik er dan toch maar een uitspraak over doen die een vermeende Chenin-zot waardig zou moeten zijn: voor mij zijn dit de meest elegante en verfijnde Chenins op deze aardkloot. Om sprakeloos van te genieten.
De wijnen van de gebroeders Lechartier zijn verkrijgbaar bij Jacques Masy in Roeselaere.
Een streepje muziek dat prachtig past bij de wijnen van de Lechartiers:
Debussy's Reflets dans l'eau door Arturo Benedetti Michelangeli.
Debussy's Reflets dans l'eau door Arturo Benedetti Michelangeli.





