Eindeloze types wijndruiven brachten mens en natuur in hun intense wisselwerking gedurende een eeuwenlange wijngeschiedenis voort. De natuur bood de mogelijkheden, de mens maakte zijn onverbiddellijke keuzes. Tijd deed de rest. Het resultaat: een cornucopia aan druivenrassen, duizenden bladzijden tellende ampelografische encyclopedieën en een formidabele verscheidenheid aan smaken en stijlen. Over de oorsprong van de formidabele verscheidenheid aan druivenrassen die onze wijncultuur rijk is, schreven we vorig weekend al. Deze keer hebben we het over de populaire sterren en de lelijke eendjes van de wijngaard.
1. Voor elk wat wils. Maar willen we elk wel wat anders?
Nee, natuurlijk willen we niet elk wat anders ... . De doorsnee mens is immers een gewoontedier dat zachtjes aan voortschuifelt over een al ontelbare malen voor hem platgetreden pad, de blik vast op de voeten gericht en met beide handen op de balustrades die het pad omzomen. Doodsbang om te struikelen of, veel erger nog, te vallen. Het gebaande pad, de zekerheid, de gewoonte, de traditie, de routine, ... daar houden we ons graag aan. Het is dus misschien niet echt wonderbaarlijk dat in Bordeaux bijvoorbeeld, toch wel de ster onder de wijnen die zoveel zekerheid en herkenning bieden, steeds weer en zelfs tot vervelens toe gealludeerd wordt op de oeroude traditie, de door de zucht der tijd gelouterde eeuwenoude gebruiken, de in de stoffige kelders van de wijngeschiedenis gewortelde know-how.
Wie een beetje de geschiedenis van Bordeaux kent, weet echter dat die eindeloos herhaalde claim belachelijk is, tot op het absurde af. Zeker wanneer we het hebben over de nu zo beroemde grote Médocains. Tot voor de 12de eeuw was er slechts sprake van een serieuze aanplant van wijngaarden in de tegenwoordig dikwijls verfoeide Entre-Deux-Mers en wat later ook in de Graves. St-Emilion komt pas volop op het voorplan na de 13de eeuw. Alhoewel de toen verbouwde wijnen toen al afzetmarkten vonden in Groot-Brittanië en Nederland, ging het toch nog vooral om een productie die haar basisafzet voornamelijk in de lokale consumptie vond. Pas in de 17de eeuw wordt er werk gemaakt van de drooglegging van de Médoc en vanaf dan gaat de wijnproductie stijl omhoog. Bordeaux zoals we hem nu kennen is zelfs nog maar een goede 120 jaar oud. De verwoestingen die Phylloxera vastatrix aanrichtte in haast alle Europese wijngaarden kwam de Bordelese traditie niet te boven. Het Bordelese terroir bleek namelijk een uitermate geschikte habitat voor de druifluis te bieden.
Traditie werd aangepast en hertaald naargelang de mogelijkheden om de wijnholocaust te overwinnen en natuurlijk ook naargelang de economische voorwaarden waarin de Bordelezen hun wijn kwijt moesten geraken (en dat is nu nog niet veel veranderd: doorblader de foldertjes van de supermarktwijnfestivals voor 2009 maar eens). Want, als Bordelezen ergens een traditie in hebben, dan zijn het wel sluwe handelspraktijken. Of zoals Edmund Penning-Rowsell fijntjes opmerkt in zijn standaard-Bordeauxboek: "Bordeaux certainly looked after its own and had a reputation for commercial shrewdness which it has by no means lost today". De hedendaagse Bordeaux trekt in nog slechts weinig op de Bordeaux van voor de tweede helft van de 19de eeuw. De dominerende druivenrassen waren toen (in volgorde), Malbec, Petit Verdot, Grand Verdot, Cabernet Franc en Carmenère. Merlot en Cabernet Sauvignon arriveerden pas laat: slechts vanaf het tweede kwart van de 19de eeuw werden ze stilaan (meer) aangeplant. Malbec, Petit Verdot, Grand Verdot en Carmenère vielen bijna af. Carmenère verdween zelfs praktisch helemaal (ze werd ook het zwaarst getroffen door Phylloxera). Cabernet Franc moest in haar areaal serieus inboeten ten opzichte van de nieuwlichters Merlot en vooral Cabernet Sauvignon.
Niet zo rechtlijnig als men graag gelooft dus in Bordeaux, die traditie ... .
2. You cannot say, or guess, for you know only / A heap of broken images*.
Wat ik wilde illustreren met deze tackle op Bordeaux is dat druivenrassen dikwijls een heel belangrijke, maar ook totaal afhankelijke rol spelen in de geschiedenis, the making of een wijn. Een ras dat eens geprezen werd en haast tot aan het eind van de wereld aangeplant leek, kan als in een vingerknip plots praktisch volledig verdwijnen, in de vergetelheid sukkelen. Dat heeft niet altijd te maken met de veronderstelde kwaliteit van het ras. Integendeel zelfs. Denken we maar aan Gamay. Een ras dat in de afgelopen decennia niet bepaald aan populariteit won (tot De bende zonder zwavel van zich liet horen?) en zelfs enkele eeuwen terug het ook al moest ontgelden omwille van haar vermeende slechte kwaliteit. Filips de Stoute liet de "Gaamez déloyal" in 1395 zelfs verbannen in Bourgondië omdat ze, volgens hem, grotendeels wijn "de très grande er horrible dureté" voortbracht. Toch verdween ze niet: ze was te sterk en te zeker in opbrengst om haar zomaar te laten vallen.
Er hoeven echter niet altijd economische factoren in het spel te zijn voor het wel of niet vergeten van een druif. Landbouwher- vormingspolitiek kan een reden zijn. Of fysiologische en ecologische redenen liggen soms ook aan de basis van de plotse verdwijning van een druivenras. Een prachtige illustratie daarvan is het geval van Casavecchia, een vermeend uitgestorven druivenras, een tiental jaar geleden teruggevonden nadat het al een tweetal eeuwen undercover aanwezig was in de (wel degelijk) duizenden jaren oude wijngaarden van Campania in het Zuiden van Italië. Het verhaal gaat dat dit druivenras rond 1800 ontdekt werd door een boer tijdens zijn siësta. Na een voormiddag werken onder brandende zomerzon in zijn wijngaarden, besloot hij even verderop voor een middagdutje de schaduw op te zoeken in een oude ruïne: vier muren, zonder dak, een compleet bouwvallige rest van wat eens een boerderijtje was, niet ver van Pontelatone. Daar aangekomen werd zijn aandacht meteen getrokken door een letterlijk reusachtige wijnstok, die daar schijnbaar al ontzettend lang tegen de binnenzijde van een muur stond. Niet alleen het feit dat de wijnstok zou oud was (de doormeter van de stam bedroeg ca. 40 cm!), trok zijn aandacht, maar ook de plaats waar hij stond: de binnenzijde van een huismuur. Die was daar dus niet geplant en achtergelaten, maar was waarschijnlijk zelf uit een ontkiemd zaadje gegroeid, wat absoluut uitzonderlijk is voor cultuurdruiven. Dat het om cultuurdruiven ging was voor zijn ontdekker echter wel duidelijk: zowel de vorm van de trossen, de bladeren als de groeiwijze deden dat sterk vermoeden. Hij besloot er een loot van mee te nemen en die - zoals dat in het pre-phylloxera tijdperk nog de gewoonte was - in de grond te stoppen. De stok reageerde zo goed, dat hij enkele van zijn kameraad-boeren in de omtrek ook aanraadde een kijkje te gaan nemen. Het herontdekte ras werd Casavecchia genoemd, naar zijn vindplaats.
In de loop van de 19de eeuw raakte de stok echter in vergetelheid. Meer nog, men was er zelfs van overtuigd dat hij de gruwelijke druifluisplaag niet overleefd had, tot eind jaren tachtig een zekere Peppe Mancini de brui gaf aan zijn advocatencarrière en besloot de rest van zijn leven te wijden aan de wijnbouw, zoals zijn vader, zijn vaders vader, enz. vele generaties voor hem hadden gedaan. Om zich wat in te werken in een beroep dat niet meteen het zijne was, besloot hij in de eerste plaats de familiegeschiedenis wat nader te bestuderen. In wat documenten van rond het begin van de 19de eeuw werd door één van zijn bedovergrootvaders melding gemaakt van het aanplanten van een curieuze wijnstok die wat verderop in een dorpje was aangetroffen. Peppe was meteen gefascineerd door het verhaal en liet omliggende wijngaarden ampelografisch onderzoeken. Het was al gauw raak: men trof er een rood druivenras aan dat duidelijk geen Aglianico of Piedirosso was, maar naar alle waarschijnlijkheid de roemruchte, maar voordien
uitgestorven gewaande Casavecchia kon zijn. Samen met Peppe onderzocht de wijnfaculteit van de universiteit van Napels de druif en in 1989 werd ze voor het eerst wetenschappelijk beschreven als Casavecchia. En, alsof deze ondertussen met een rijke geschiedenis beladen naam nog niet genoeg was, ontdekte men ook nog dat dit druivenras misschien wel hetzelfde ras is als hetgene dat door Plinius de Oudere (23-79 n.C.) in zijn Historia Naturalis werd beschreven als Trebulanum, één van de beste wijnen van het Italiaanse vasteland. Het zou dus wel eens goed kunnen dat dit oeroude druivenras de vreselijke uitbarsting van de Vesuvius in augustus 79 die Pompeij, Herculaneum, Oplontis en Stabia compleet in de as legde, mysterieus genoeg overleefde.
Wij proefden een paar maanden terug Peppe's formidabele ontdekking in zijn Centomoggia een 100% Casavecchia-cru van zijn eigen domein, Terre del Principe. Een zwartpaarse, fluwelig aanvoelende mondvol wijn met rokerige aroma's van zwarte bessen, hopbitters en balsamicocrème. Gelijkend op Aglianico, maar met een lagere zuurtegraad en wat vriendelijker van karakter: een warme, duizendjarige reus die met milde wijsheid de jachtige wijnwereld aan zich voorbij laat gaan.
Dit artikel werd geschreven in het kader van de Vlaamse Wijnblogdagen. Dit is de 10de editie. Andere vergeten ontdekkingen kan je terugvinden op:
- pvo over de heilige Klevner op Wijnblog.be.
- Wijngerd over autochtone druiven, Wijnmens slaat er eentje over, Disasterofwine Les Cépages oubliées en een toemaatje op Ikwilwijn.be.
- Wijnkennis over de donkere Alicante Bouschet.
- Rick op ChateauSansPretention neemt afscheid.
- Foodfan over de weergaloze Pineau d'Aunis.
- Vinama, jawel, eveneens over Alicante Bouschet.
- Gido van Imschoot slaat er ook eentje over op Winetasting.be.
- Den Bloeyende Wijngaerdt verloren in de Italiaanse doolhof van verloren en toch niet verloren grootheden.
- Have a Nice Wine Day over de zeer besmettelijke vergeten druivenras-aandoening.
- Wine Jockey over een viertaal lievelingetjes die de tand des tijds minder goed doorstonden.
- En dan natuurlijk tot slot een blik op Stephanes weergaloze kelder die alleen maar vergeten druivenrassen bevat
!
*De titel van deze post en de subtitel van paragraaf 2 zijn citaten uit The Waste Land van T.S.Eliot, een icoon uit de modernistische wereldliteratuur. Ik vond zowel de teneur, als de motieven in The Waste Land wel van toepassing op de plaats van druivenrassen in de hedendaagse wijnwereld. Hier vind je een volledig geannoteerde elektronische editie van dit formidabele gedicht.





