The Orbis of Wine

A journey into wine by the True and Only Fratres Organoleptici

  • Vergroot letter grootte
  • Standaard letter grootte
  • Verklein letter grootte
Home Artikels Literatuur Vlaamse Wijnblogdagen XI - Deel I: Topperdetopperdertopwijnboeken?!

Vlaamse Wijnblogdagen XI - Deel I: Topperdetopperdertopwijnboeken?!

E-mail Print PDF
Boeken. Nu weer als habituées, dan weer als ongenode gasten nestelen ze zichzelf ergens op een plaatsje in ons kleine huis: nogal klassiek op de salontafel, eerder ongewoon op de kattenkrabpaal naast de sofa, nonchalant in het rekje onder het aquarium, vreemd in de gang op de chauffage, zoals bij zoveel mensen ook op het nachttafeltje in de slaapkamer, occasioneel wel eens op de vensterbank van de badkamer, steevast op het tijdschriftenbakje in het toilet, storend op de microgolfoven in de keuken, ... . Je kan hier in huis geen vijf stappen zetten of je botst tegen een volgestouwd boekenrek aan, moet een wankel stapeltje van een stoel op de grond leggen of je struikelt over het zoveelste vergeten achter-de-hoekboek. Zijn wij dan boekenfreaks? Zijn wij boekenzotten? Dat wordt wel eens gezegd, maar het gaat eigenlijk helemaal voorbij aan wat boeken voor ons betekenen. Zonder boeken ervaren wij onszelf ziende blind, want nemen we maar een flinterdun poedersuikerlaagje van de wereld weer. Zonder boeken is ons leven even hol als een lege fles wijn: zinloos, betekenisloos, een waardeloze verspilling.

1. Stinkliteratuur met wormstekige titels.
Boeken overalIk voel me dikwijls binnenwandelen in een ijskast wanneer ik bij mensen de huiskamer binnenstap. Tonen van grijs, wit en zwart tooien de muren en de vloer. Gehard glas, hoogglans inox en spuitbeton komen in strakke, afgemeten combinaties naast elkaar voor. Open ruimtes doen hol aan. Licht gloeit niet meer, maar vernevelt een ijzig aura doorheen de ruimte. Clichématig maakwerk dat voor moderne kunst moet doorgaan, probeert zielig voor wat kleurbehang te spelen. Een gladde flatscreen tracht wat huiselijke sfeer in de ijlte te sturen en twee gesloten Ikea-kasten met hoogglansdeuren verbergen het laatste restje dilettante kleur dat de trots in stand gehouden zielloosheid had kunnen ontwrichten. Moderne huiskamers lijken maar al te dikwijls ijle ruimtes van ijdelheid, waar bewoners  tijd in doorbrengen, maar niet in leven. Je treft er zelden of nooit iets aan dat wat te vertellen heeft, iets waarbij je even stilstaat om te weten wie er nu precies in die ruimte leeft. Zelfs de postmoderne passant hoort er niet in thuis. Enfin, je moet me nu ook niet gaan verslijten voor een aftands traditionalist. Van pastorijwoningen of cottage-meubelen krijg ik helemaal de kriebels. Ze stralen het soort Biedermeieresthetiek uit dat alleen maar bestaat als uitvergroting van de plastiekerig verweerde en gevlekte kistjes en flessenkratjes die je ook in Blokker of Hema aantreft. Blokkeresthetiek in groot formaat eigenlijk. Een nepkarakter dat aan het abjecte grenst. Wat er in zogenaamd 'modern' ingerichte interieurs onbreekt, vind je hier al evenmin of minstens toch als een monsterlijke vorm van mimicry.
Lagen er al maar wat boeken her en der verspreid in zulke interieurs, ik zou me er al meteen wat meer thuisvoelen. En toch, als er dan al eens wat op een salontafeltje ligt - want daar liggen meestal de enige boeken die het huis rijk is - gaat het meestal over tuintegelformatige kilo's glanspapier bedrukt met lauwe nonsens: gekunstelde naaktfotografie, reizen in Toscanië (wanneer gaan we eindelijk eens leren dat het Toscane is en NIET Toscanië, grrrrrrrr) of, erger nog, een klont zelfbespiegelend fotoboek over 'moderne' interieurs. Kan je gast meteen zien van welk interieurgenie je de inspiratieloze schikking van je meubilair gekopieerd hebt. Willen we wat intellectueler doen, dan gooien we maar wat nochalant een beleggingsboekje van Paul D'Hoore - 'De poen van uw pensioen', wie bedenkt toch zulke wormstekige titels? - op het Lack-tafeltje temidden van het Karlstad-salon, of, beter nog, want dan behoren we tot de 'kritische' intellectueel, wat larmoyante schrijvelarij van oorlogsjournalist Rudi - burkaman - Vranckx. Laat ik zelfs maar helemaal zwijgen van die met een pseudo-wetenschappelijk sausje overgoten stinkliteratuur van slampamper Dirk - even neuken tussen het 2de en 13de verdiep - Draulans (O ja, Dirk, ik vergat het even: jij houdt van dit soort kritiek. Dan kan je je lekker masochistisch wentelen in je toch zo miskende genialiteit). Onzinnige boeken die lekker masturbatoir en normbevestigend zijn. Kunnen we fijn allemaal samen de kritische Vlaming uithangen door het napraten van wat ijl geblaat tussen een voor- en een achterflap. U merkt het, ik word er wel héél boos van ... .
Geloof het of niet, er is zelfs iets waarvan ik nog bokkiger wordt: grote, opgeblonken, nooit geopende wijnboeken met titels als 'Het wijnboek', 'De grote wijnencyclopedie', 'Wit. Rood. Rosé', 'Wijnen van de wereld', en ga zo maar door. Over wijn kunnen meepraten lijkt ondertussen wel even bon ton als je mening kunnen verkondigen in het hoofddoekendebat. Lees je 'Stemmen uit de oorlog' van Rudi Vranckx, dan weet je alles over Irak en de Islam. Lees 'Het succes van slechte seks' en je weet alles over de evolutietheorie. Lees 'De grote wijnencyclopedie' en je bent een groot wijnkenner. Pretentie is snel gevoed, oppervlakkigheid gauw gecamoufleerd. We voelen ons bij het etaleren van zo'n ramsj-boek ook zo gemoedelijk. Brengt het niet wat troostende gezelligheid in ons doodse interieur en onze holle conversaties? Ze zijn ook veilig: we lezen keer op keer dat we juist denken, dat we recht zijn, dat het allemaal klopt zoals het is. Wij weten het best, zoals wij dat eigenlijk al jaren wisten. Die Bordeaux of die Australische Shiraz die straks temidden van het Philippe Starck-bestek en het Alessi-servies op tafel verschijnt, staat op pagina x en y van 'Topwijnen', kijk maar: een topwijn, van een topwijnmaker, gekocht bij een topwijnhandelaar, gemaakt op een topdomein, in een topfles, met een topkurk, een topetiket, een topcapsule, toptannines, topzuren, topfruit met een topconcentratie. Topconcentratie? Oei, 'De grote wijnencyclopedie' niet op je nachtafeltje liggen? Daar staat dat nochthans haarfijn in uitgelegd. Een topboek! Toch eens kijken hoe dat zit met die topconcentratie, want anders hoor je toch niet bij de topkenners!

2. Altijd maar hetzelfde verhaaltje.
WijnencyclopedieHoe top zijn die wijnboeken eigenlijk? Als je de oplages zou bekijken en de hoogte van de stapels naast de met kerstversiering getooide kassa's van De Standaardboekhandel gaat meten, dan moet je wel tot de vaststelling komen dat het om onverbloemde bestsellers gaat. Of toch niet? Loop even enkele meters verder ook De Slegte eens binnen: daar ligt namelijk datzelfde boek in een vorige druk minstens even hoog gestapeld, maar aan nog geen derde van de prijs. Erger nog, loop even langs het rek waarin je dat boek aantreft, en je vindt er minstens vijf gelijkaardige tuintegels in uitgestald. Bestseller, zegt u? En toch hebben heel wat zelfverklaarde wijnkenners doorgaans een drietal exemplaren van dat soort boeken netjes uitgelijnd op het salontafeltje liggen. Allemaal dezelfde boeken eigenlijk. Vreemd dat dat de wijnkenner in kwestie ontging. Je zou haast gaan geloven dat het ontbreken van een lange termijngeheugen een genetisch defectje is dat bij alle wijnkenners voorkomt. Als er een nieuwe editie van een Herman Brusselmans in de boekhandel ligt, een tweede druk met een andere kaft, een ander soort papier of een verschillende paginering, gaan we die toch ook niet opnieuw kopen en van titel tot flaptekst weer uitlezen? Alhoewel ... , misschien loopt die vergelijking wel mank; Brusselmans schrijft al ongeveer vijftien jaar hetzelfde boek, alleen de titel, het pagina-aantal en de frequentie van de woorden 'tetten' en 'kut' verschillen nog al eens. Edoch, even ernstig nu: ik heb nooit begrepen wat mensen in dit soort wijnboeken zien. Lezen we zulke boeken eigenlijk wel? Of fungeren ze alleen maar als een soort van gadget, dat even zinloos is als de palmtop van de drukke zakenman, ware het niet dat je je er meteen een soort imago mee aanmeet. Boeken die als statussymbool dienst doen en meteen ook een one-wayticket verlenen voor een bourgeoisclubje van wijnafficionado's. Eigenlijk doen ze niet meer dan kuddegevoel cultiveren, net als de inspiratieloze interieurs waar we zo dikwijls in vertoeven.
Maar, laten we toch ook even nuanceren. Eigenlijk hebben zulke uitgaven een best lovenswaardige functie: wie kan ontkennen dat hij of zij aan de hand van zo een boek niet de eerste stapjes in de wijde wijnwereld hebben gezet? Ik zal het alvast niet doen. Ik kreeg er eentje cadeau - gelukkig eentje van Michael Schuster - en gebruikte het als eerste opstap. Later ging ik vooral zoeken op het internet naar informatie. Ook daar kwam ik natuurlijk ontzagwekkend veel geleuter tegen, maar er bleken genoeg goede wijnwebsites te zijn om een arme student die geen wijnboeken kon kopen uren en uren bezig te houden met antwoorden zoeken op wijnvragen. Als ik dan al eens wat geld wilde uitgeven aan een wijnboek, dan kocht ik zeker geen tweede opstapboek. Niet alleen omdat er steeds hetzelfde in staat, maar ook omdat het doorgaans ontzettend slordig vertaalde boeken zijn. Ondertussen word ik er echt pissig van als ik zo'n boek opensla: de ene blunder na de andere tegen het Nederlands, belachelijk letterlijk vertaalde zinsconstructies, knal uit het Engels overgenomen argumentaties, kemels van lay-outfouten en ga zo maar door. Okay, ik zit al een paar jaar in het boekenvak, dus erger ik me er misschien wat meer aan dan een andere lezer, maar ... kan het even? Misschien is het beter één boek minder over te nemen en de rest fatsoenlijk te vertalen, dan de ene na de andere kromme tekst op de markt te slingeren.
Auberon WaughZucht. Wat maakt het ook uit? Het gaat toch telkens om het zoveelste boek in hetzelfde genre. En daar wringt het schoentje net: kochten wij die boeken niet, dan werden ze niet vertaald. Lieten we ze wat meer links liggen, dan werden we er niet telkens weer mee overspoeld. Zouden zogenaamde kenners hun boeken lezen in plaats van ze als protserige bibelot te gebruiken, dan zou je er simpelweg geen twee aan dezelfde afficionado kwijtgeraken. Beste kenner, gooi vier van de vijf wijntuintegels in uw mooie gashaard en ga op zoek naar boeken die wat verder gaan dan het opsommen van internationale druivenrassen, topdomeinen en onbetaalbare beleggerscuvées. Niet alleen u, maar ook andere wijnliefhebbers en zeker onze Nederlandstalige wijnschrijvers zijn ermee gebaat. Immers, waar blijft er nog wat plaats voor die laatsten over, wanneer de wijnboekenmarkt praktisch gemonopoliseerd wordt door slecht vertaalde kijkboeken van dertien in een dozijn? Je moet tegenwoordig wel overschakelen naar een andere taal, wil je wat deftigs te lezen krijgen bij je glas wijn. Uitzonderingen als de boeken van Nicolaas Klei en de vertaling van Lynch' avonturen daar gelaten, waan je je hier bijna in een wijnboekenwoestijn. En, als er dan wat vertaald wordt, waarom kunnen dat dan niet de schitterende boeken van Mitchell-Beazley of Péret zijn? Waarom mogen Vlaamse en Nederlandse lezers straffe madammen als Alice Feiring, erudiete heren als Patrick McGovern of dilletante rekels als Pierre Paillard en Auberon Waugh niet meenemen naar bed? Worden we braaf gehouden, of blijven we graag te braaf? Lopen wij nog steeds graag met beide handen aan de reling gekluisterd over de begane paden? Of houdt onze Nederlandstalige - of vooral Vlaamse - wijnkritiek ons graag zoet met het sussende refreintje dat wij Belgen toch zulke grote wijnkenners zijn?  Wie zal het zeggen?
Ach, zagen we dat laatste ook maar eens weerspiegeld in de wijnliteratuur die ons dag in dag uit wordt voorgeschoteld ... .


Volgende keer - omdat ik het niet kan laten lange teksten te schrijven - een stukje over wijnboeken die echt de moeite waard zijn.
LAST_UPDATED2  

Plaats reactie


Beveiligingscode
Vernieuwen

Toekomstige activiteiten

Geen evenementen